Sociale zekerheidsrecht

De sociale zekerheid heeft betrekking op inkomen en inkomensverwerving anders dan uit arbeid. Immers lang niet iedereen verricht betaald werk. Indien iemand door omstandigheden niet in staat is om zelf aan het arbeidsproces deel te nemen, bijvoorbeeld door werkloosheid, arbeidsongeschiktheid of ouderdom, biedt het sociale zekerheidsstelsel een financieel vangnet.

 

Binnen het sociale zekerheidsstelsel kan onderscheid worden gemaakt tussen sociale verzekeringen en sociale voorzieningen.

 

Onder de wetgeving inzake de sociale voorzieningen valt onder andere:  

  • de Wet Werk en Bijstand (WWB);
  • de Wet voorzieningen gehandicapten (WVG), tegenwoordig de Wet maatschappelijke ondersteuning (WMO);
  • de Algemene Kinderbijslagwet (AKW);
  • de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jong gehandicapten (WAJONG);
  • de Toeslagenwet  (TW);

Onder sociale verzekeringswetgeving valt onder andere:

  • de Werkloosheidswet (WW);
  • Arbeidsongeschiktheidswetgeving (ZW, WAO/WIA etc.)
  • de Algemene ouderdomswet (AOW);
  • de Algemene nabestaande wet (ANW)

Besluiten

De uitvoering van deze verschillende wetgeving ligt in handen van diverse organisaties: de Sociale Verzekeringsbank (SVB), de gemeente, het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (UWV) etc.

 

Indien u in aanmerking wenst te komen voor of reeds gebruik maakt van een van bovengenoemde sociale voorzieningen of sociale verzekeringen kunt u regelmatig geconfronteerd worden met besluiten van deze organisaties waarin bijvoorbeeld uw aanvraag om in aanmerking te komen voor een regeling wordt afgewezen, wijzigingen in uw uitkering worden aangekondigd, overgaan wordt tot beëindiging van uw uitkering of een zogenaamde maatregel wordt opgelegd.

Bezwaarschrift

Indien u het niet eens bent met een besluit dat u heeft ontvangen kunt u binnen 6 weken een bezwaarschrift indienen bij de organisatie die het besluit heeft genomen. Aangezien de  sociale zekerheidswetgeving steeds ingewikkelder wordt is het verstandig u hierin te laten bijstaan door een advocaat. Deze dient vaak in eerste instantie een voorlopig bezwaarschrift in, een zogenaamd bezwaarschrift op nader aan te voeren gronden, waarbij tevens het volledige dossier wordt opgevraagd waarop het besluit is gebaseerd. Na ontvangst van dit dossier kan de zaak nader worden bestudeerd en kunnen de daadwerkelijke gronden van bezwaar worden ingediend.

 

Na indiening van de gronden van bezwaar wordt er in beginsel een hoorzitting gepland waarbij u en uw advocaat de gelegenheid krijgen de bezwaren nader toe te lichten. Vervolgens wordt er een beslissing op bezwaar genomen.

Voorlopige voorziening

Soms is de financiële nood dusdanig hoog dat een beslissing op bezwaar niet kan worden afgewacht. In dat geval is het mogelijk een voorlopige voorziening aan te vragen bij de rechtbank. De rechtbank wordt daarbij verzocht een voorlopig oordeel te geven over de zaak. Indien u door de rechtbank in het gelijk wordt gesteld zal de desbetreffende instantie u ook gedurende de bezwaarschriftprocedure moeten uitbetalen. Uitbetaling vindt in dat geval plaats op basis van voorschotten. Hetgeen betekent dat indien u alsnog in bezwaar in het ongelijk wordt gesteld u ook de aan u betaalde voorschotten moet terug betalen.

Beroep

Indien u in een bezwaarprocedure in het ongelijk wordt gesteld heeft u de mogelijkheid binnen 6 weken in beroep te gaan bij de rechtbank. De rechtbank zal de zaak opnieuw beoordelen. Deze procedure duurt gemiddeld ongeveer een jaar. Ook hangende deze procedure kan er ingeval van financiële nood in beginsel een voorlopige voorziening worden aangevraagd.

 

Hoger beroep

Tegen een negatieve uitspraak van de rechtbank staat vervolgens nog een keer hoger beroep open bij de Centrale Raad van Beroep te Utrecht.

 

Inschakeling advocaat

Hoewel u alle bovengenoemde procedures in beginsel zelf mag doen, is het toch verstandig een advocaat in te schakelen, bij voorkeur reeds in bezwaar. Kennis van de desbetreffende regelgeving is van groot belang om uw zaak zoveel mogelijk kracht bij te zetten. Tevens weet een advocaat vaak beter welke wegen u in de tussenliggende periode moet bewandelen om niet (verder) in de financiële problemen te geraken.

 

De kosten voor het inschakelen van een advocaat zijn beperkt. Het merendeel van de uitkeringsgerechtigde komt in aanmerking voor gefinancierde rechtsbijstand. Indien daarbij tevens sprake is van een gezinsinkomen op het sociaal minimum, verstrekt de gemeente in het algemeen bijzondere bijstand voor de kosten van rechtsbijstand.

 

Ons kantoor regelt dit voor u. Indien u een bijstandsuitkering ontvangt, kunt u een verklaring ondertekenen waarbij u ons machtigt namens u bijzondere bijstand aan te vragen voor de kosten van rechtsbijstand. Indien u inderdaad in aanmerking komt voor deze bijzondere bijstand hoeft u onze declaratie niet te voldoen en wordt het desbetreffende bedrag rechtstreeks door de gemeente aan ons kantoor betaald. U heeft hier verder geen omkijken naar. Indien u anderszins een uitkering ontvangt dan is het mogelijk dat u toch in aanmerking komt voor bijzondere bijstand. Dit is afhankelijk van de hoogte van de uitkering.